Cookie Instellingen

Om Topfund.nl goed te laten functioneren maken we gebruik van cookies. Lees hier meer over Privacy & cookies.

Alle cookies accepteren
sluiten
Zie de geest maar weer eens terug in de fles te krijgen
Portret Hein Praats
Een column door
Hein Praats

Zie de geest maar weer eens terug in de fles te krijgen

Datum:
21/7/2022
De voormalige Amerikaanse president Ronald Reagan had het vermogen om met krachtige oneliners zijn mening uit te dragen. In 1980 deed hij tijdens zijn verkiezingscampagne de volgende uitspraak: ‘Inflation is as violent as a mugger, as frightening as an armed robber and as deadly as a hit man’.

Op dat moment was de inflatie in de VS (vooral aangewakkerd door een stijgende olieprijs) tot boven de 14% gestegen terwijl er tegelijkertijd sprake was van zowel hoge werkloosheid (zo’n 7,5%) als van economische krimp (-0,3%), oftewel: de Amerikaanse economie bevond zich in een periode van stagflatie.

Draconische maatregelen

Als gevolg van de toegenomen inflatie liepen de lonen steeds hoger op waardoor vervolgens de bedrijfswinsten werden uitgehold. Daardoor gingen ondernemingen steeds minder investeren en werd er steeds meer personeel op straat gezet. Om die vicieuze cirkel te doorbreken grepen de monetaire beleidsmakers destijds hard in door draconische renteverhogingen door te voeren. Doordat de Amerikaanse korte rente boven de 20% kwam te liggen werd een recessie uitgelokt waardoor de  macht van de vakbonden (om steeds hogere lonen af te dwingen) werd doorbroken. De stagflatie werd de nek omgedraaid.

Nu, ruim veertig jaar later, gaat de inflatie weer door het dak en ook nu zijn de gevolgen pijnlijk voelbaar voor de consument door het verlies aan koopkracht. Dat de lonen op zijn best met 4% stijgen – terwijl de inflatie ruim boven de 8% is geschoten – raakt met het oog op de steeds hoger oplopende gas-, water- en lichtrekeningen uiteraard vooral de mensen met lage inkomens. Dat kan op den duur samenlevingen ontwrichten en roept de vraag des te luider op hoe we de inflatie er weer onder moeten krijgen.

Meerdere oorzaken

Kijkend naar de aanleiding nu, dan is er sprake van een combinatie van factoren. Allereerst zitten de internationale aanvoerketens nog steeds goed verstopt. Na afloop van de coronapandemie is de vraag naar producten, én het vervoer daarvan, explosief toegenomen. Tegelijkertijd is er een flink tekort aan handjes ontstaan; arbeidsmarkten zijn extreem krap geraakt waardoor bedrijven nog altijd niet op volle capaciteit kunnen draaien. Opvallend genoeg blijven de lonen nog altijd redelijk onder controle, waardoor de kans dat het inflatievuur nog eens extra wordt aangewakkerd door een loon-prijsspiraal voorlopig klein is, wat niet wegneemt dat het gevolg van de genoemde bottlenecks in de aanleverkanalen gecombineerd met een groot gebrek aan personeel, is dat de beschikbaarheid van chips en andere samenstellende onderdelen voor de industrie sterk is afgenomen. Dat sijpelt natuurlijk door naar veel eindproducten waarvan de prijzen dan ook steeds hoger zijn gaan oplopen.

Los daarvan gieren de prijzen van grondstoffen - vooral van energie en voedsel – om een andere reden omhoog. Daar zitten de problemen vooral aan de geopolitieke spanningenkant waar (monetaire) beleidsmakers nauwelijks iets aan kunnen doen; niet ten aanzien van het deels wegvallen van Russisch gas, noch van de bijna stilgevallen export van Oekraïense tarwe. Dus ook vanuit de moeilijk te beheersen en beïnvloeden geopolitieke kant wordt de inflatie door de stijgende grondstoffenprijzen alsmaar aangejaagd.

Wellicht iets van effect?

In antwoord op de vraag of hogere rentes de oplossing voor het huidige inflatieprobleem zijn kan wellicht voorzichtig worden geconcludeerd dat de afgelopen hogere rentestappen enig effect sorteren. We zien de prijzen van industriële metalen als koper en erts de laatste tijd in ieder geval afkomen. Ook is de olieprijs, met dank aan de gestegen dollar, aanzienlijk gedaald (Brentolie is van 138 dollar per vat naar rond de 100 dollar gezakt), al moeten we ons tegelijkertijd wél realiseren dat diezelfde hoge dollar – en dus relatief lage euro – de inflatie in de eurozone een extra zet omhoog geeft.  Maar goed, als laatste zien we aan de daling van de lange rente ook dat de inflatieverwachtingen wat aan het afzwakken zijn.

Maar… prijsinelasticiteit zorgt voor bijna onveranderde vraag

Ondanks dat daarmee misschien de eerste positieve signalen voor een minder hoge inflatie zichtbaar worden, ben ik er echter (nog lang) niet gerust op. Het probleem met kostbaarder voedsel en hogere energiekosten is namelijk dat de vraag naar beide slechts beperkt reageert op toenemende prijzen. Simpel gezegd: graan hebben we nodig voor brood en veevoer en ook bij hogere prijzen zullen mens en dier moeten blijven eten. En uit onderzoek blijkt dat de dure benzine ook maar in beperkte mate resulteert in minder autokilometers. Na maandenlang thuiswerken door corona lijken veel mensen weer graag met collegae op kantoor te zitten en nemen daarbij de hoge kosten van de woon-werkverkeerkilometers voor lief. Met andere woorden: door het prijsinelastische karakter van de vraag naar voedsel en energie leidt de aanbodschok daar amper tot minder vraag en dus lagere prijzen.

Al met al ben ik dan ook bang dat de inflatie voor langere tijd zal blijven dooretteren en dat financiële markten er te veel van uitgaan dat hogere prijzen slechts van korte duur zijn en na een paar rentestappen weer uit het systeem lopen los van het feit dat het sowieso al moeilijk genoeg is om een geest weer terug in de fles te krijgen…